Evenals vorig jaar was Paparazzi weer samen met BBoemie en Trein met de motor op pad, deze keer mocht Paparazzi jr. ook mee (om bier aan te dragen).
Op donderdagmorgen 12 juni sloegen we na een bak koffie en een laatste blik op de buienradar ons been over de buddy van onze motoren met de wetenschap dat we het vandaag niet droog zouden houden. Het ging vlot Duitsland in en na wat eerste plaagstootjes kon na een uurtje rijden het regenpak aangetrokken worden, Pluvius had het ook gezien en trok de sluizen nog iets verder open. Zolang het bleef regenen zouden we de snelweg blijven volgen, gelukkig konden we de geplande afslag nemen om de Wijnstrasse te kunnen volgen. Na een tankstop begon het echter weer te druppelen, alsof de bui met ons mee reisde, droge weg en toch steeds lichte tot matige regen. Na 590 km. was het welletjes en vonden we in Baiersbronn bij Freudenstadt vlot een leuk hotel waar de fietsen ook binnen konden staan en de pakken te drogen hangen. Na een paar heerlijke biertjes en een goed maal zagen we nog een toeterende Kroaat door de straat rijden, Duitsland had dus verloren, voordat we voldaan onder de wol kropen.
Na een heerlijk ontbijt kon bij het vertrek om negen uur de regenjas weer aan, niet voor lang want gaandeweg werd het snel droger en de zon kwam zelfs door. Na eerst een mooi stuk Zwarte Woud werd er vervolgens via de snelweg doorgereden tot aan de Bodensee waar we tijdens de koffie met apfelstrudel nog een bekende trofee aan de muur zagen hangen. Na het water te hebben gevolgd reden we bijna ongemerkt Oostenrijk binnen, en na een eerste goedkopere tankstop kwamen ook de eerste echte bulten. Slingerend door het Bregenzerwald zagen we ook de eerste sneeuwtoppen en voordat het zitvlak echt pijnlijk werd namen we in Au nog maar weer eens een tasse kaffee mit apfelstrudel.
Het landschap werd steeds heuvelachtiger en mooier en de eerste pas werd bedwongen, de Flexenpas op 1773 meter. De weg was vochtig en voor ons erg grijs dus de regenjas kon weer aan, voor korte duur bleek later want tijdens het dalen klaarde het weer op. Na 339 km., slingerende, klimmende en dalende wegen werd bij de Info in Landeck snel een ruim appartement voor de komende vier nachten gevonden.
Snel uitpakken, omkleden en op pad om voor sluitingstijd nog wat boodschappen te doen, de jongste mocht het bier dragen. Hierna nog even een ontspannen wandeling door de buurt met een kijkje bij een hotel waar je ook kon testrijden op BMW motoren. Volgens de oudste wijze man een te duur adres voor een lekkere maaltijd, dus nog maar even verder wandelen om op de eerste verdieping van een bierkelder te belanden voor een heerlijke hap. Voor lang natafelen was geen tijd, Nederland voetbalde deze avond dus de vlag aan het balkon en de pootjes op tafel en een heerlijk biertje in de hand.
Half acht, gerommel in de keuken, Hans was het ontbijt aan het klaar maken en wij schoven al snel aan. Om half tien reden wij het dorp uit richting Italië via prachtige slingerende wegen, wel wat wind maar goed en droog weer. Iets over elf draaiden we richting Passo Dello Stelvio, ons hoogste punt van deze reis. Al snel nemen we de eerste van de 48 haarspeldbochten, en die zijn van het type keren op de weg, om boven op de 2758 meter hoge pas te komen. Eerst nog door het bos maar later had je goed zicht op de slinger naar boven. Bij “tornante 8” was een voor ons rijdende Duitser even de balans bij het keren kwijt en nam via een muurtje weer een onvrijwillige weg naar beneden, recht op onze Trein af. Gelukkig bleef het bij wat lichte schade aan de motor en ego. Op de top aangekomen was het wel erg fris en dwarrelden de sneeuwvlokjes naar beneden. Jasper probeerde zijn handen te warmen aan de uitlaat van zijn motor, met handvatverwarming heb je hier minder last van. Enkele fietsers trokken droge kleding aan en meerdere jacks voor ze de afdaling ingingen. Ook wij stapten na een ‘fotoshoot’ weer op onze fietsen voor de afdaling, te fris om langer boven te blijven. Eerst nog tussen de sneeuw maar al snel werd het groen en warmer, de wegen en bochten waren hier wel veel mooier en beter.
De benzinelampjes branden boven op de Stelvio al bij twee van ons maar Bormio werd gehaald en bij een pomp met automaat kon er bijgetankt worden. Vervolgens doorrijden naar Zwitserland om daar goedkoper te kunnen tanken, onderweg reden we via ‘Passo Foscagno’ en Livigno binnen waar we een koffiepauze hielden. Bij het vertrek viel op dat er om de 50 meter een benzinepomp stond, bij nadere bestudering bleek dit onmisbare sap hier slechts €1,07 te kosten. Dus werd er flink afgetankt alvorens we via de Berninapas terugreden naar ons onderkomen, 320 kilometer op de teller vandaag.
De zondag deed zijn naam eer aan, althans bij het opstaan. Om tien uur reden we weg en toen we een uurtje later richting de Fluelapas opdraaiden kwamen de eerste regendruppels wat langzaam overging in lichte sneeuw. Bijna bovengekomen stond er opeens een Lama langs de kant van de weg te spugen, ook verdwaald zeker. Kort overleg, wat doen we, “doorrijden, aan de andere kant word het wel weer beter en in Davos is het altijd mooi weer” zei de optimist. Eerst nog even over de top waar het aardig sneeuwde en nog flinke wat van dat witte spul langs de kant lag. Ook hier weer een snelle fotoshoot voor het thuisfront en dan vlot door om niet te nat en koud te worden. Gelukkig hield het sneeuwen op maar ging dit helaas over in regen voordat we Davos bereikten, dus regenpak weer te voorschijn. In het ‘prachtige’ Davos was niet alleen de sneeuw verdwenen maar ook de zon en het leek erop dat Pluvius nog wel even aan het werk bleef. Een bak koffie met koek deed wonderen maar de regen bleef, toch moesten we nog een paar uur rijden om ‘thuis’ te komen. Terug was achteraf korter geweest en afsteken kon ook niet, dus de route vervolgen en hopen op beter weer. De GPS vond het blijkbaar ook te bar en boos en vertikte verdere diensten, maar wij hadden Tom (TRein) nog, die man weet (bijna) overal de weg. Dus via de geplande route door het mooie Lichtenstein, wat niet echt op schoot, Oostenrijk weer in. Toch maar via de Silvretta Hoghalpenstrasse terug, het leek wat minder te regenen. Maar na het passeren van de tolpoort werd het weer vochtiger en werd ons het uitzicht ontnomen door een steeds dikker wordende mist. Eenmaal over de top werd het zicht wat beter maar waren de handen van de heren zo nat, en dus koud, dat het niet echt leuk meer was. Behoedzaam werd er het laatste stuk vlot doorgereden naar de warme douche en een heerlijke kop soep. Ruim 304 km voor deze vochtige dag.
Voor maandag de 16e stond eigenlijk niets gepland, vonden we wel goed zo na al die nattigheid. De beide schoonbroers gingen boodschappen doen en Paparazzi kwam erachter dat zijn accu mogelijk door een kapotte schakelaar leeg was. Na een starthulp van de huiseigenaar was hij weer snel aan de praat en na een half uurtje rijden was die weer voldoende bijgeladen. Nadat er koffie en een paar grote koeken naar binnen waren gewerkt klaarde het weer op en de motorpakken weer aangetrokken voor een ritje door het Kaunertal. Het eerste deel tot aan de stuwdam gaat door een prachtig slingerend en groen gebied met hier en daar wat loslopende koeien. Langs het stuwmeer loopt de Kaunertaler Gletscherstrasse verder omhoog, komen de mooie haarspeldbochten en word het landschap kaler. En bij het Gletscherrestaurant op 2750 meter konden we zo de skipiste op die met hier aan het prepareren waren. Van hieruit kan men met skiliften tot bijna 3300 meter hoog komen en zagen we mensen aan het ijsklimmen. Een mooi punt met prachtige vergezichten en tussendoor zag je de weg slingeren waarover we ook weer terug moesten. Onderweg genoten we van het prachtige uitzicht en de mooie bochten en bij thuiskomst werd er wat onderhoud gepleegd. Met weer een sticker rijker en 105 km op de teller kropen we hier na een heerlijk maal nog eenmaal onder de wol.
Deze dag reisden we verder naar Zell am See en omdat het nog een beetje vochtig en op hoogte regende en mistig was leek het ons wijs de Timmelsjoch en de Brennerpas maar niet te nemen. We volgden de rivier de Inn richting Insbruck, en die gaat door vele dorpen en steden wat niet altijd echt opschiet. In Insbruck was te zien dat hier iets met voetbal aan de hand was en werden we voor een verkeerslicht met “Hup Holland” aangemoedigd door een lokale scooterrijder.
Rijdend door het Zillertal en de Gerlos Alpenstrasse werd het weer steeds beter en kwam de zon zelfs door toen we even van het uitzicht genoten op een uitkijktoren. In het hoger gelegen skidorp was het maar een dooie boel dus werd er rechts omkeert gemaakt voor de afdaling. Hier werd nog eenmaal gestopt voor een prachtige blik op Krimml. De daar aanwezige motorrijders vroegen ons of het boven regende vanwege onze regenpakken en de viezigheid op onze motoren. Tuurlijk niet, en de eigenaren van de blinkende motoren haalden opgelucht adem. Waar zij vandaan kwamen was het mooi weer dus konden onze regenpakken weer uit. Evenwijdig aan de Salzach ging het naar Zell Am See waar we via de Info weer snel een leuk en betaalbaar onderkomen vonden.
Na het omkleden de stad in voor een heerlijk biertje van een lieftallige dame, boodschappen doen en even de ‘Zeller See’ bekijken. Opvallend was de aanwezigheid van vele Russische voetbalfans en na wat spraakverwarring waren we allen trots op onze Guus. Oh ja, toch weer 233 km vandaag.
Vanwege de weersverwachtingen werd vandaag koers gezet richting het noorden. Een leuke rit over lokale wegen waar het bij een ‘umleitung’ even mis dreigde te gaan maar snel de juiste route weer werd gevonden. Bijna ongemerkt rij je Duitsland binnen om vervolgens over mooie wegen in Inzell uit te komen. Het IJsstadion lag er een beetje troosteloos bij, alles gesloten en geen schaatser te bekennen natuurlijk. Dus maar naar ‘Gasthaus Bavaria’ voor koffie met …….
Tijdens het vervolg van de rit bleek het aan de andere kant van de berg te regenen, en zo bleef het verder deze middag, zon en lichte regen wisselden elkaar af. Toen het tijdens een tankstop weer vochtig werd hebben we maar even de naastgelegen motorzaak bekeken, brommers kieken dus. Na nog een mooie slingerweg door een dal lieten we Kaprun en met zijn donkere wolken maar liggen en waren we na 278 km weer in Zell Am See. En weer de stad in, biertje pakken, boodschappen doen, wat rondkijken en bij thuiskomst weer een heerlijk maal van meester-kok BBoemie
Een prachtige dag zou het worden, en dat werd het ook zowel wat het weer als de route waren prachtig. Door de tunnels de stad uit naar Bruck a/d Grossclockner waar op een mooi plekje langs de kant van de weg BBoemie in zijn tanktas begint te graaien. Hij blijkt zijn camera in de verkeerde tas te hebben gestopt, aangezien Paparazzi er twee bij zich heeft kunnen er foto’s genoeg gemaakt worden.
Bij de tolpoort is het al erg druk en na betaling van wat euro’s kunnen we gaan genieten van 48 schitterende kilometers. Laverend tussen auto’s en bussen klimmen we genietend van de omgeving omhoog, je kan veel foto’s maken maar haalt het niet bij het echte. Het laatste deel naar de Edelweisspitze gaat over een soort van kasseienpad, maar het uitzicht is hier schitterend. Een kijkje in het Bikersnest laat de geschiedenis van de motorklim wedstrijden zien die hier vroeger werden gehouden. Ook hier lopen we weer tegen een testauto aan, de nieuwe Opel Insignia kunnen we al van dichtbij bewonderen.
Wij gaan weer verder richting de Kaiser-Fraz-Josefs-Hóhe, onderweg natuurlijk weer prachtige bochten en hoe hoger je komt nog flinke sneeuwbergen langs de kant van de weg. Natuurlijk kon ik het niet laten hier deze website in te schrijven. Aangekomen bij de Kaiser-Fraz-Josefs-Hóhe valt wel gelijk de enorme drukte en de enorme parkeergarage op, een echte trekpleister. We kijken wat rond, maken wat foto’s en legen ons oor te luister bij een gids, erg indrukwekkend allemaal. Ook BBoemie kan zich uit zijn jeugdjaren nog herinneren dat de gletsjer hier vroeger veel hoger was dan de nu 300 meter lager liggende ijslaag. Prachtig allemaal, maar we willen nog meer zien vandaag en stappen weer op om in het mooie plaatsje Heiligenblut koffie, soep en taart naar binnen te werken. Bij het maken van wat foto’s kon Jr. het niet laten zijn bochtentechniek te oefenen op een houten bok.
Volgende bestemming was de Weissensee, daar waar veel Hollanders gaan schaatsen, nu was het er erg rustig, geen ijs en dus geen schaatser te zien. We rijden een eindje langs het water maar moeten toch weer de zelfde weg terug om onze route te kunnen vervolgen langs de rivier de Drau. Vanaf Spittal An Der Drau gaat het weer noordwaards door mooie dalen en over o.a. de Katschberg. Onze TRein is nog even het spoor bijster maar uiteindelijk rijden we via Bischoshofen langs de Salzach terug naar Zell Am See. Bij een enkeling begon het zitvlak na bijna zes uur op de buddy aardig te broeien en was de stop voor wat laatste boodschappen een verademing. De 370 prachtige kilometers waren het wel waard geweest.
S’ avonds nog eenmaal de stad in voor een wandeling waar donkere wolken zich samenpakken en de bliksem de een mooi schouwspel laat zien, keek je de andere kant op dan was het prachtig weer.
Vrijdag vertrekdag, lichte regen bij het opstaan maar de regenjas was niet echt nodig vandaag, het werd zelfs prachtig weer. Richting het noorden rijden waren we al weer snel de grens over en zaten we twee uurtjes later al aan de Chiemsee op een terras. De echte bergen met de witte toppen zouden we vanaf nu niet meer zien. Via de B wegen schoot het lekker op en na Regensburg namen we de nog snellere autobahn. Het weer was nu nog goed en besloten zo ver mogelijk door te rijden vandaag. Na 618 km was het mooi geweest en parkeerden we de motoren op de binnenplaats van een hotel. De gastheer schonk ons een heerlijk biertje in en serveerde vervolgens een prima maaltijd. Van motorrijden moest hij niet zo veel hebben, dat ging hem veel te snel en dat had zijn vader hem middels een wijze spreuk ook mee gegeven. Vrij vertaalt “in de snelheid loert het gevaar”.
Na deze wijze les wandelden nog even door Friedberg waar op menig (Turks) terras de voetbalwedstrijd Kroatië – Turkije te zien was. De aanmoediging “Hup Holland” kon men wel waarderen en wij konden rustig onze wandeling vervolgen. Om de uitdroging tegen te gaan toch maar even bij een bierstubbe zo’n goudgele bloemenvaas achterovergeslagen. Toen we heerlijk in ons bed lagen hoorden we het gejuich na de gewonnen match van onze Turkse overburen. Het getoeter en de langs denderende treinen verstoorde nog enkele malen onze nachtrust.
De laatste rit naar huis begon goed maar tijdens het zoeken naar een benzinepomp begon het toch licht te regenen waardoor het regenpak nog éénmaal aankon. Na het tanken namen we een route over B wegen door het Sauerland, mooi glooiend maar door de net gevallen regen verraderlijk glad hier en daar. En doordat het niet echt op schoot door al die dorpjes, en we toch wel weer naar moeders wilden, werd de autobahn weer opgedraaid. Na een koffiestop bij een Rasthaus en een tankstop werd er voor de Nederlandse grens nog één maal een terrasje opgezocht voordat de finale gereden kon worden.
Toen TRein Epe op de borden zag staan stuurde hij prompt door het rode verkeerslicht de andere kant op richting Gronau, blijkbaar wilde hij toch nog niet naar huis.
Achter de kerk vonden we een leuk terrasje met leuke bediening maar vreemde kunstwerken. Een laatste vette hap kon nog even naar binnen worden gewerkt voordat we thuis weer aan de degelijke kost moesten.
Bij het passeren van de grens, wat daar nog van over is, vertelt een groot bord je de hier geldende verkeersregels. Dus rijden we het laatste stuk keurig richting huis waar we na tien prachtige dagen afscheid van elkaar nemen.
Wat rest is, stinkende motorkleding, een tas met was, een wel erg vieze motor, 1838 foto’s en onbetaalbare herinneringen.
Nog een paar cijfers, 3586 km. een kleine 53 uur in het zadel, benzineprijzen van €1,07 tot €1,60.
Verslag Paparazzi - Foto's BBoemie en Paparazzi
| Motorvakantie Oostenrijk |