Le Moto Tour de France

Dit jaar maar weer eens een poging om het Zuiden van Frankrijk wel te bereiken, in 2007 bleven we door motorpech halverwege steken. Heb het vaak moeten aanhoren maar het was wel een onvergetelijke vakantie.
Ook nu had Rein weer een route uitgedacht die er op Google Earth al erg mooi uitzag, dus moest die er vanuit het zadel ook wel prachtig uitzien. Kortom ……. we hadden er zin in

Donderdag 18 juni 2009 stonden Hans en Rein met een bepakte motor weer bij ons op de stoep, helm op, foto gemaakt, en afscheid nemen van mijn liefje. Via de A50 met wat oponthoud toch redelijk vlot naar het Zuiden, de Eifel in en daar een stukje binnendoor, o.a. langs de Nürburgring en later weer de autobahn op. Na zo’n 250 km begonnen een paar mannen met de billen te knijpen, de reservelampjes van hun niet al te grote tank brandde al even en een tankstation was nog niet te zien. Gelukkig is het verbruik op deze wegen iets lager en stonden ze met meer kilometers dan gedacht even later bij de pomp.
Na weer een mooi deel binnendoor gingen we na eerst een hapje bij Saarbrücken de Franse grens over en reden we het glooiende Franse land over om uiteindelijk in Mullhouse een onderkomen te zoeken. Dat bleek nog niet zo eenvoudig want er bleek een meeting in de stad te zijn en vele kamers waren bezet. Na een belletje van een receptionist bleek er bij het Ibis hotel nog wel plaats te zijn, wel wat buitenaf maar met airco en dat was ook wel weer lekker fris gezien het warme weer die dag. Ondanks de dreigende luchten kon het regenpak deze dag in de tas blijven.
646 km. in 7:15 uur.

F09_0008.JPG
F09_0017.JPG
F09_0024.JPG
F09_0040.JPG
F09_0057.jpg

Vrijdag 19 juni
Na een goed ontbijt de motoren weer gestart voor een lange rit die voor een groot deel door Zwitserland voerde. De rit slingerde door het glooiende landschap en langs diverse meren, de bergen doemden links en rechts aan de horizon op. Wat ook opdoemde waren donkere wolken waardoor de bergtoppen bij aankomst aan het meer van Geneve niet te zien waren. Na genoten te hebben van het uitzicht en een ‘fotoshoot’ rolden we even later over natte wegen Montreux binnen, hier had het dus net nog geregend. Na een tankstop en een hapje moesten we net buiten de stad bij een verlaten stationnetje even later weer stoppen om nu wel het regenpak aan te trekken. Een eenzame reiziger had er geen weet van, hij zat lekker te pitten in een hok van 3x3m.
Richting Martigny zagen we steeds meer bergen en grote gele borden wezen ons erop dat hier de Tourkaravaan op 21 juli langs zal komen. Dus kwamen we hier ook steeds meer wegwerkzaamheden tegen wat voor de nodige vertraging zorgde. De grens met Italië namen we over de Grote St Bernard maar met het klimmen van de hoogte meters zakte het aantal meters zicht. Een dichte wolkendeken had zich op de bergtop laten zakken waardoor er van het beloofde prachtige uitzicht niet meer dan 20 meter over bleef. Op het navigatiescherm was nog een beetje het verloop van de weg te zien in de laatste kilometers. Eenmaal op het hoogste punt aangekomen bleek daar een groot deel van de mist verdwenen en konden we nog een beetje van het uitzicht richting Zuiden genieten.
Na wat plaatjes van de sneeuw, het ijs op het meer en de St Bernardshonden (ja echt)op de berg eerst maar eens de afdaling nemen op zoek naar drogere en warmer oorden. Mist op hoogte en licht regen bleven ons achtervolgen via Aosta en over de Col San Bernardo. In Seez, na 429 km., vonden we het genoeg voor deze dag, volgens Rein was er in de volgende plaats wel een hotel, toen hij van de kaart op keek bleken we midden voor een hotel te staan.

F09_0091.JPG
En er was nog plaats ook, zelfs de motoren mochten binnen staan, maar goed ook want het hemelwater stroomde nog enkele uren rijkelijk door..
Voor een warme hap moesten we de straat oversteken waar een Belgische dame een heerlijk maal klaarmaakte en ons een paar heerlijke biertjes serveerde.
429 km. in 7.57 uur.
F09_0097.jpg
F09_0119.jpg
F09_0143.jpg
F09_0145.jpg
F09_0148.jpg
F09_0150.JPG
F09_0153.JPG
F09_0155.JPG
F09_0170.jpg
F09_0199.jpg
F09_0206.JPG
F09_0238.JPG
F09_0252.JPG
F09_0258.jpg
Zaterdag 20 juni
Een wekker hadden we niet hoeven zetten deze morgen, de eetzaal was nog een half uur gesloten en even later kwamen een paar honderd koeien met grote bellen om de nek door de straat naar boven gewandeld. Een onophoudelijk gerammel klonk door het dal en zorgde voor een leuk tafereel, begeleid door slechts enkele mensen liepen de dieren keurig achter elkaar omhoog de berg op. Wat achter bleef waren mooie bruine vlekken op het asfalt.

Na het door oma geserveerde en gepresenteerde ontbijt konden de motoren weer worden gestart voor de laatste etappe naar ons tijdelijk onderkomen voor deze week. Eerste mogelijkheid om de motoren van voeding te voorzien was Val-D’Isere, een bruisende stad inde wintermaanden maar nu een dooie boel. Veel hotels en winkels met de luiken gesloten met hier en daar een bouwkraan, gelukkig was het Spar tankstation wel geopend anders hadden enkele een probleem. Vanaf hier (1850m) ging het 18 km omhoog naar de 2770 meter hoge Col de L’Iseran waar de zon scheen maar een fris windje waaide. De afdaling ging tussen sneeuwwallen van enkele meters door vlot maar in het dal was het oppassen geblazen op een net rijkelijk met grint bestrooide weg. Tussen twee bakken Franse koffie kwam er nog een mooi stukkie Italië met lekker lopende bochtige wegen.
Het leuke van zo’n motorrit is de wisseling van de landschappen waar je doorheen komt, het ene moment dichte bossen en even later rijdt je weer in een kale omgeving een berg op, zo ook Col de Izoard. Kwam me ook wel een beetje bekend voor en deed me denken aan de bananenbult, er lag een halve tros bananen aan de voet van het monument. Les Bonbons du Col de Izoard van de kraam aldaar smaakten lekker zoet en gaven weer kracht voor de volgende beklimming. Eerst 1300m naar beneden, het prachtige Vallée de l'Ubaye door en weer 1100m omhoog naar Col de Vars. Kijken, benen strekken, plaatje maken en weer op zoek naar een tankstation in dit dunbevolkte gebied. Gelukkig had de lokale herbergier van Jausiers een pomp voor de deur staan en konden de baasjes zelf ook even wat vocht naar binnen werken, een cola dit keer. Nu hebben wij nog een redelijk grote tank op onze motoren maar de stoere Italiaanse bikkers op hun Amerikaanse bikes met voorvorken tot wel twee meter konden met hun mini tankjes in elk dorp wel op zoek gaan naar een benzinepomp.
Nog een hobbel te gaan deze dag, de Col de Allos, erg bochtig omhoog en mooi groen bovenop. Jasper rolde erg makkelijk omhoog en naar beneden, wij oudjes deden het iets rustiger, al was Rein de enige die zijn knietje aan de grond kreeg! En nog wel op het rechte stuk!!
Of sloeg toch de vermoeidheid toe, Rein wilde de zijstandaard uitklappen maar bleef met de broekspijp haken (vertelde hij) en lag plots onder zijn motor te spartelen. Twee Franse automobilisten hielpen hem snel uit deze benarde situatie en na controle van ledematen en fiets kon het laatste deel van deze etappe afgewerkt worden.
Castellanne stond inmiddels op de borden en langs het verkoellende blauw/groene Lac de Castillon reden we het middeleeuwse stadje binnen, en een onderkomen was snel gevonden.
Te voet ging het naar de lokale Casino supermarkt voor de nodige proviand, een rugzak vol bier en even later een terrasje opgezocht voor een heerlijk biertje en een pizza. Na zeven uur sturen en nog een paar biertjes doken we moe onder de Franse wol. 369 km in 6.53 uur.

    F09_0282.JPG F09_0288.jpg F09_0298.JPG F09_0322.JPG
F09_0352.jpg
F09_0361.JPG
F09_0362.jpg
F09_0394.JPG
F09_0403.jpg
F09_0421.JPG
F09_0423.JPG
F09_0484.JPG
F09_0540.jpg
F09_0555.jpg
F09_0558.JPG
F09_0572.jpg
F09_0575.JPG
F09_0577.jpg
F09_0590.JPG
F09_0594.jpg
F09_0607.jpg
F09_0620.jpg
F09_0646.JPG
F09_0649.JPG
F09_0661.jpg
F09_0675.JPG
F09_0685.jpg
F09_0687.jpg
F09_0694.jpg
F09_0699.jpg
F09_0705.jpg
F09_0708.JPG
 

Zondag 21 juni
Deze zondagmorgen kon er uitgeslapen worden maar niet na nog een paar maal diep onder die Franse wollen deken gekropen te zijn, het was toch verrekte koud tegen het ochtendgloren, zo’n 4 graden.
Hans kon door de kou niet meer slapen en had de tafel gedekt, koffie gezet en was een eitje aan het bakken, aan tafel dus. Het zonnetje scheen al weer heerlijk en de temperatuur liep snel op dus maakten we ons klaar voor een korte zondagse rit door “Le Grand Canyon du Verdon”. Net voor vertrek knalde ik snoeihard met mijn nog helmloze schedel tegen die verrekte lage doorgang van ons tijdelijk onderkomen, een vaker terugkomend probleem als je met je kruin net boven de gemiddelde vakantieganger uit steekt. Ja, ik ken die spreuk van die ezel ……..
We rijden langs de nu rustig kabbelende rivier ‘Le Verdon’ maar al snel is te zien dat dit stroompje eeuwen geleden hier wel een meer water te verwerken heeft gehad. Een bochtige weg langs, door en onder rotsen voert ons langzaam omhoog langs de vele campings die dit gebied rijk is. We nemen eerst de D23, een hobbelige weg langs de noordkant van de rivier en vergapen ons bij elk uitkijkpunt aan de schoonheid van de natuur en de immense omvang van dit gebied. Op het hoogste punt is goed de loop van het stroompje te volgen, een kloof van enkele honderden meters breed en diep door het landschap met hier en daar een herkenningspunt waar we later aan de andere kant nog langs zullen komen. We sturen eerst een eind bergaf voordat we langzaam stijgen en een prachtige blik krijgen op het Lac de Sainte-Croix, een intens bauw/groen meer. Het is genieten maar ook uitkijken tijdens het rijden hier, want al die andere motorrijders, automobilisten en camperbestuurders genieten ook van het uitzicht en letten iets minder op de smalle bochtige weg langs de bergen.
Beneden aangekomen pikken we een terrasje en kunnen we genieten van een langskomende rij Franse eendjes, de 2CV dus. Blijkbaar konden ze de berg niet opkomen want even later mochten we ze nog een keer bewonderen toen ze dezelfde weg terugkwamen.
Wij gingen weer langzaam omhoog op de terugweg langs de andere kant van de rivier met weer die prachtige vergezichten op het meer en de omgeving. Op een grote boogbrug maakte net een jongeman een sprong over de brugleuning. Hij durfde amper op de reling te stappen en op de weg naar beneden kwamen er oerkreten uit de diepte die ik zelden heb gehoord, was nergens voor nodig want hij zat vast aan een elastiek. Nee dan dat dappere meisje, vertwijfelt leek ze zich af te vragen waar ze aan begonnen was maar zonder aarzeling sprong ze de diepte in om vervolgens met een rood hoofd tot stilstand te komen.
Een half uurtje later vervolgden wij onze rit terug naar onze camping om daarna in het dorp een stokbroodje en wat Blonde Leffe’s in te slaan.

Lopend op de markt vroeg Hans zich hardop af wat er nu onder die Schotse kilt schuil zou gaan, ‘dat zou je wel heel graag willen weten hé’ was het antwoord. Tot grote hilariteit bleek het een enthousiaste Hollandse rok … ehhh… kiltdrager te wezen. De maaltijd van onze kok Hans smaakte prima en met een rond buikje doken we weer vroeg onder de wol.
140km in 2.52 uur.
F09_0726.jpg F09_0750.JPG
F09_0756.JPG
F09_0765.JPG
F09_0786.JPG
F09_0792.JPG
F09_0822.JPG
F09_0825.JPG
F09_0846.JPG
F09_0865.JPG
F09_0867.JPG
F09_0886.JPG
F09_0897.jpg
F09_0907.JPG
F09_0916.JPG
F09_0918.JPG
F09_0926.JPG
F09_0934.JPG
F09_0939.JPG
F09_0970.JPG
F09_0985.JPG
F09_0998.JPG
F09_1003.JPG
F09_1020.JPG
F09_1023.jpg
F09_1027.JPG

Maandag 22 juni
Dag vijf ging het richting Côte D’Azur, dus nadat er stokbrood en wat blonde blikjes waren ingeslagen ging het via de ‘Route Napolion’ naar het zuiden. Een mooie route met al weldra een blik op de Middellandse zee, maar daarvoor nog heel veel stedelijke bebouwing. Mijn wegwijsmiep voorop loodste ons door deze jungle van straten, verstoplichten en rotondes. Uiteindelijk reden we onder de palmbomen op de boulevard van Cannes met aan de linkerhand grote hotels en restaurants, en aan de rechterhand een wandelboulevard, strand, zee en jachthavens met heel veel boten, en heel veel hele grote boten. Wij leggen ook even aan voor het Carlton Inter-Continental hotel en laten al die luxe even op ons inwerken, het duurt even voordat we de kaken weer op elkaar zetten, en dit is nog maar Cannes. Wil je hier nog een beetje gezien worden, daar draait het hier uiteindelijk om, moet je minimaal een boot met vijf dekken hebben of een roeiboot.
Wij slaan ons been weer over de buddy en houden de zee rechts en als de bebouwing wat lager word zoeken we een rustig terrasje half op het strand om nogmaals te genieten van zon, zee, strand en wat de natuur nog meer geschapen heeft.
Met een bijna constante blik op zee cruisen we verder onder een stralende zon en verbazen ons steeds weer over de schoonheid, de immense hotels en appartementen, de vele volle jachthavens en de drukte van het verkeer. Links en rechts schieten de scooters ons voorbij, hij of zij gekleed in slechts een dun luchtig stofje, wij in een leren pak van 5 kg. Na Nice worden de rotswanden hoger en zien we steeds meer en duurdere auto’s om ons heen en voor we er erg in hebben zitten we in het centrum van Monaco. We wurmen ons de stoep op en zetten de helm af aan de rand van het zwembad in de haven van dit vorstendom. Ook hier weer veel grote jachten en op elke vierkante meter rijzen vele luxe verdiepingen richting hemel. Alles ziet er netjes uit en overal waar je kijkt kan je niet ontgaan dat hier dit jaar de Tour de France van start zal gaan. De tribunes staan al klaar, of staan er nog van de formule 1 race, en overal vlaggen en spandoeken met deze aankondiging.
Prachtig allemaal maar niet ons thuis denk ik zo dus rijden we rustig door de tunnel waar de F1 coureurs met 200+ doorheen razen, en door een navigatiefout en de vele eenrichtingswegen komen we er even later nogmaals door. Daarna zoeken we het hogerop, de bergen in voor de terugweg, ook daar pakken we in alle rust een terrasje en staan we weer met beide benen op de grond.
Er volgen nog mooie afdalingen en vanaf Col de Vence kijken we nog eenmaal terug op al deze glitter en glamour daar in de zon. Voor ons donkere wolken waar we nog een heel klein beetje vocht van mee krijgen in de laatste beklimming.
Vandaag 325 km in 6.52 uur, wel weer een lange zit.

F09_1028.jpg
F09_1041.jpg
F09_1056.JPG
F09_1072.jpg
F09_1089.JPG
F09_1101.jpg
F09_1117.JPG
F09_1119.JPG
F09_1120.JPG
F09_1137.jpg
F09_1185.JPG
F09_1187.JPG
F09_1261.JPG
F09_1277.JPG
F09_1284.JPG
F09_1296.JPG
F09_1310.JPG
F09_1328.JPG
F09_1362.jpg
F09_1377.jpg
F09_1378.JPG
F09_1383.JPG
F09_1389.jpg
F09_1412.JPG
F09_1424.JPG
Dinsdag 23 juni
Bah wat naar, weer een dag op de motor zitten, en dan nog wel met dit prachtige weer. Vandaag in noordelijke richting eerst langs Lac de Castillon en vervolgens langs, tussen en door de steenmassa’s die hier omhoogrijzen. Op de af en toe woest stromende rivier in de Valée du Var proberen enkele groepjes dappere roeiers met hun rubberen bootje veilig en heelhuids stroomafwaarts te varen.

De wegenbouwers hebben alle creativiteit aan moeten spreken om een berijdbare weg door de Gorges de Daluis aan te leggen, het resultaat is prachtig. Je kijkt je ogen uit, donker bruine rotsen waar je ook kijkt, links, rechts, onder en boven je. Beneden in de diepte loopt een stroompje en tussen al het gesteente proberen planten en bomen wat houvast en voeding te vinden. Als de slingers op zijn bestellen we maar weer eens ‘quartre grande cafe’ op zo’n mooi rustig Frans dorpsplein.
Na een tijdje hobbelen en slingeren we weer omhoog, de jas ritsen we ook weer dicht want het is fris hier boven op de Col de Coyolle. Op een enkel fietser en motorrijder na is het ook erg rustig en als ik een foto van de aanwezige sneeuw wil maken vliegen de sneeuwballen mij om de oren, gelukkig heb ik mijn helm op.
We gooien de tank nog maar een keer vol bij de herbergier in Jausiers en beginnen aan de beklimming van de Col de Bonnette. Eerst nog tussen het groen maar al weldra slinger je door een kaal landschap met her en der een berg sneeuw en overstekende marmotten. Bijna boven kruipen we langs een berg sneeuw op de weg en laveren tussen de rotsblokken door naar de hoogst berijdbare Col van Europa, 2802 meter. Hier kunnen nu enkel nog tweewielers komen, al of niet motorisch aangedreven, en dat is maar goed ook want op verscheidene plaatsen brokkelt het asfalt al aardig af. Te voet gaan we nog 60 meter hoger om rondom van het geweldige uitzicht te kunnen genieten, Rein heeft het als eens eerder gezien en gaat niet mee (hij was ook een beetje moe). Na een praatje met Hollandse fietsers en motorrijders sturen we weer naar beneden en zoeken maar weer eens wat te eten en drinken op.
De Col de La Couillole stelt met z’n 1678m nu niet zo veel meer voor en als we in Beuil oversteken zien we de zwaaiende Duitsers eerst over het hoofd. De weg blijkt afgesloten, en omdat de vermoeidheid opspeelt besluiten we niet 60km om te rijden maar nogmaals door de Gorges de Daluis te rijden, maar dan in omgekeerde richting.
Als de buikjes weer zijn gevuld wandelen we in de avondzon nog even door het dorp.
De dagteller stond vandaag op 305km in 5.51 uur.

F09_1428.JPG
F09_1444.jpg
F09_1463.jpg
F09_1493.jpg
F09_1498.jpg
F09_1514.jpg
F09_1538.jpg
F09_1556.JPG
F09_1588.jpg
F09_1593.jpg
F09_1597.jpg
F09_1640.JPG
F09_1669.jpg
F09_1681.JPG
F09_1695.JPG
F09_1705.jpg
F09_1723.jpg
F09_1732.JPG
F09_1733.JPG
F09_1768.jpg
F09_1769.JPG
 

Woensdag 24 juni
De armen, rug en zitvlak begon bij een enkeling te protesteren dus werd de route van  329km naar o.a. St. Tropez maar afgeblazen. Zwemmen leek een prima optie, maar dan niet in dat koude meer maar in de Middelandse zee, korte route heen en terug. Via een deel Route Napoleon volgde een hobbelweg bergop, Hans was het zat en ging terug, zijn beste zwager ging met hem mee. Samen met Jasper ben ik doorgereden om bij Frejus voor een paar uurtjes het strand op te zoeken. En terwijl gestrekt onder de palmbomen aan het warme zeewater lagen kwam Hans niet verder dan z’n enkels in het ijskoude water van het meer. Samen met Rein wilden ze naar de kerk bovenop de berg, blijkbaar hadden ze een afslag gemist want de kerk hebben ze niet meer gezien.

Wij namen een andere vlotte weg terug, al was het laatste deel wel erg smal, een tegemoetkomende Hollandse automobilist had de grootste moeite met het achteruitrijden. Wij konden er nog net langs maar de Franse jeep met geen mogelijkheid. Bij de caravan aangekomen zagen we en paar blote voeten uit de deur steken, Rein lag gestrekt op zijn te korte bed en Hans was de aardappelen alweer aan het schillen. S ’avonds werden de laatste Leffe’s verorbert en mochten we nog eenmaal op de smalle bedjes slapen. Wij maakten deze dag nog 188 km in 3.31 uur
F09_1805.jpg F09_1812.JPG
F09_1818.JPG
F09_1825.JPG
F09_1845.JPG
F09_1849.jpg
F09_1850.JPG
F09_1853.JPG

Donderdag 25 juni
Tja, en dan kunnen we al weer aan de terugreis beginnen, alle tassen en koffers zijn weer volgepakt en om half negen vertrekken we in noordwestelijk richting. In een blinde bocht naar rechts staat een auto met zijn neus onder een bus, en van alle kanten komen de hulptroepen aangesneld. Mooie glooiende wegen dus schiet het lekker op, en na een koffiepauze draaien we in Sault rechtsaf de lavendelvelden in. Even later komt het bord “Col du Mont-Ventoux, ouvert” en sturen we het bos in, de hoogtemeters lopen op mijn GPS snel op. Langzaam word het groen minder en krijgt het grijs de overhand en doemt de kale berg voor ons op, we slalommen tussen klimmende en dalende fietsers door naar de top. Ik mis het maar Hans en Rein stoppen nog even bij het met banden en bidons bedekte monument van Tom Simpson die hier tijdens de tour bezweek. Als wij om 12 uur op de top aankomen is het erg druk met fietsers die hier op adem komen en wat te eten nemen voor de afdaling. Het zicht is prima dus we wandelen nog even naar de echte top en proberen het op de foto vast te leggen, in het echt is het veel mooier. We kijken nog wat rond bij de shop en de kramen met bonbons, broodjes, kaas en vleeswaren. Net als alle fietsers maken we natuurlijk een foto bij het hoogtebord.
De afdaling verloopt op de brede weg vlotjes en in het plaatsje Malaucéne nemen we plaats op een terrasje voor de nodige calorieën. We horen de ervaringen aan van een Hollander die na 20 jaar nogmaals de berg had beklommen, hij had er nog steeds twee uur voor nodig. Ik kreeg de nijging om zijn fiets te pakken om deze tijd te verbeteren maar met motorpak aan zou dat een lastige opgave worden.
De weg naar Crest verliep verder vlotjes, tussen lavendelvelden en wijngaarden door werd het landschap langzaam aan wat vlakker. Een hotel vinden in Crest bleek nogal lastig, of het was niet te vinden, of het stond te koop, of het was in de verbouw, uiteindelijk vonden we een onderkomen die weer geen maaltijden serveerde, terwijl dat wel met grote letters op de gevel staat vermeld.
Dus na een verfrissende douche en een biertje de stad in op zoek naar een eettent, keus genoeg maar die fransen eten zo laat dus moesten we het knorren der magen nog even aanhoren. Een wandeling door de smalle steegjes voerde ons naar een kasteel boven de stad, ook gesloten dus konden we weer omlaag. In de verte kwamen intussen de onweersbuien aandrijven toen wij plaatsnamen aan tafel op een overdekt terras waar de kok nu wel de slaap uit had. 294 km. in 5.13 uur.

F09_1857.JPG
F09_1877.JPG
F09_1887.JPG
F09_1897.JPG
F09_1906.jpg
F09_1916.JPG
F09_1936.jpg
F09_1939.jpg
F09_1986.JPG
F09_1990.JPG
F09_2002.jpg
F09_2044.jpg
F09_2045.JPG
F09_2047.jpg
F09_2054.JPG
F09_2077.JPG
F09_2093.JPG
F09_2101.JPG
F09_2124.jpg
F09_2126.JPG
F09_2152.JPG
F09_2162.JPG
 

Vrijdag 26 juni
Op tijd uit de veren en aan tafel, er volgde een mooie route, de gastvrouw had zich verslapen maar alles stond wel snel op tafel, kon ook wel want zo veel was het niet deze keer. Om acht uur stappen we op en volgen eerst de rivier de La Drôme om in Die de Col de Rousset op te draaien. Het is nog rustig en na een stuk of zeven haarspeldbochten zijn we al boven, waar we door de tunnel gaan en weer kunnen afdalen, de Vercors in. Als het weer begint te stijgen zie ik wat bekende punten, in 2002 reden we met een aantal Lapjes dezelfde route hier op de fiets. Langs het Memorial, door het dorp Lente en naar de 1015m hoge Col de La Machine en iets verder rij je ‘Combe Laval’ in. Je kijkt in een enorm gat en langs de rotsen loop een weg, het wiebelende rotsblok staat er nog steeds. Genietend van het uitzicht sturen we langs de rotsen en 20 minuten later bekijken we de weg van onderaf waarna we om 10.00 uur in Pont en Royans parkeren voor een kop koffie. Een oud dorp met op rotsen gebouwde huizen waar dan nog weer een kamertje of balkon aanhangt boven het riviertje. Wij nemen plaats op de brug over de La Bourne, de straatveger (locale WD58) maakt ons met zijn vingers duidelijk dat het op het eind van de dag gaat regenen. Zal wel, ….. dan zijn wij hier al weg was de conclusie, nog niet wetend dat we de buien tegemoet reden. Eerst door de Gorges de la Bourne, door, langs en onder de rotsen door volgt de weg dit riviertje tot Villard de Lans. De weg word weer breder en we dalen af tot aan Grenoble, de lucht voor ons kleurt langzaam donkerder en donkerder. In Voiron parkeren we net op tijd onder een groot afdak als Pluvius de sluizen boven ons opentrekt, en zo te zien kon het nog wel even duren ook. We gaan wat eten en drinken maar de bui trekt langzaam over dus trekken we het regenpak aan en vervolgen onze route, even later is het droog dus kan dit weer uit. Ons doel voor deze dag was Bourg en Bresse maar besluiten door te rijden nu het nog droog is. Zo’n 40 km verder begint het weer te regenen en besluiten in het enige hotel van Beauford te overnachten. De motoren mogen in de boerenschuur en wij krijgen een simpele kamer met douche. We genieten en verbazen ons over het voordelige 5 gangen diner en wandelen nog een rondje om de kerk en langs de Jeu de Boulebaan.

We moeten nog flink doorstappen want de talrijke bloemen in dit dorp krijgen weer volop water toebedeeld, wij pikken nog een biertje en halen de baas over het ontbijt een uurtje vroeger klaar te zetten. Het blijft nog lang onrustig beneden, het halve dorp viert hier nogal luidruchtig het begin van het weekend. 323 km in 5.25 uur.
F09_2167.jpg F09_2174.JPG
F09_2176.jpg
F09_2184.JPG
F09_2189.jpg
F09_2195.jpg
F09_2200.JPG
F09_2206.JPG
F09_2233.jpg
F09_2235.JPG
F09_2246.jpg
F09_2255.JPG
F09_2266.JPG
F09_2268.jpg
F09_2276.JPG
F09_2280.jpg
F09_2305.JPG
F09_2306.jpg
F09_2313.JPG
F09_2318.JPG
F09_2330.jpg
F09_2342.JPG
Zaterdag 27 juni
Na een gebroken nacht nuttigen wij om 7 uur het ontbijt en een uurtje later stappen wij op, het regent nog steeds. De N83 is nu een stuk rustiger dan op vrijdagmiddag dus schiet het lekker op, in Besancon maken wij een koffiestop bij de BMW dealer. In 2007 bleef ik hier steken en werd hier gerepareerd, ze herkennen ons nog maar hebben nu andere prioriteiten. De overvloedige regen zorgde hier zowel buiten als binnen voor de nodige overlast, maar de gratis koffie smaakte ons goed.

Het is droog en de regenpakken gaan in de tas, over de N57 gaat het vlotjes noordwaarts en als we bij Epinal de snelweg opdraaien kan het gas nog iets verder open. Tijdens een tankstop besluiten we in Luxemburg, afhankelijk van het weer, of we naar het geplande Echternach gaan of niet.
Het is erg donker boven de Eifel dus volgen we de noordelijke route maar even later komt de regen ook hier met bakken naar beneden, we kleden ons om onder een viaduct en rijden nog een tijdje door. Tijdens een pauze besluiten we maar door te rijden naar huis maar als Hans zijn voorwiel nakijkt blijkt die wel erg veel speling te hebben.Het voorwiellager was flink afgesleten, ‘ik dacht dat het aan de slechte wegen lag dat het wiel steeds een andere kant op stuurde’.
Met samengeknepen billen reden we verder, hij wilde doorrijden, in af en toe stromend regen en niet harder dan 100km/u over de snelweg. Het regenpak ging in Belgie uit maar kon voor de tunnel van Roermond weer tevoorschijn komen, half Nederland kreeg zware buien over zich uitgestort maar wij reden er toch nog redelijk tussendoor. Op de andere weghelft zagen wij erg veel motoren op de terugweg van de TT Assen, ze zullen vast gedacht hebben dat wij ons een dag vergist hadden.
Een laatste stop bij Venlo gaf Hans weer de nodige ontspanning om het laatste deel van de reis te kunnen volbrengen. En bij het opdraaien van de A50 kwamen de Veluwse bergen weer in het zicht, voelt toch altijd weer een beetje bijna thuis.
Bij afslag Vaassen namen we na 13 uur onderweg geweest te zijn afscheid van elkaar, kon Hans zonder extra bochten (lekker) doorrijden naar Wezep waar ook hij veilig aankwam.
818 km voor deze dag en 9.28 uur rijtijd.

Het was weer een prachtige rit deze keer, dat had die Tom … ehhh …. Rein toch maar weer mooi uitgedacht. Door de geweldige kookkunst van Hans kwamen we ook dit jaar weer iets zwaarder thuis, kan ook aan de blonde Leffe gelegen hebben, fietsen we d’r wel weer af.
Heren, bedankt voor de gezelligheid.

Totaal 3853 km gereden en 63 uur op de motor gezeten.

Paparazzi

F09_2344.jpg
F09_2347.jpg
F09_2353.jpg F09_2360.JPG F09_2361.JPG

 

F09_2400.JPG